P2000.

klik hier om naar p2000 te gaan.

Wat is P2000?
Het netwerk is opgezet om personeel van de hulpdiensten zoals brandweer, ambulance, politie, Rode Kruis en KNRM op te roepen in geval van een incident of andere situatie waar hun aanwezigheid gewenst is. Hoewel het systeem opgezet is met een hoge mate van bedrijfszekerheid hebben de meeste gebruikers procedures om uitval of overbelasting van dit belangrijke systeem op te vangen. Uit verschillende tests is gebleken dat overbelasting van het systeem heel onwaarschijnlijk is en de capaciteit ruim voldoende is om de grootste rampen aan te kunnen. P2000 is een digitaal systeem dat het oude analoge systeem vervangen heeft. Het systeem is in tegenstelling tot C2000 niet gecodeerd waardoor de berichten door iedereen ontvangen en gelezen worden.

Berichten
De berichten zijn vergelijkbaar met SMS-berichten en zijn opgebouwd uit een aantal onderdelen die per dienst en regio kunnen verschillen. Doorgaans bevatten de berichten: Soort incident Locatie Prioriteit Gealarmeerde eenheden Opschaling

Capcode
Een Jupiter Pro-P2000-pagerDe P2000-pager reageert als hij een bericht ontvangt met de in het geheugen geprogrammeerde capcode. Een capcode is grofweg vergelijkbaar met een telefoonnummer of IP-adres en identificeert de bedoelde ontvanger. Het verschil is echter dat er meerdere ontvangers met hetzelde nummer kunnen zijn. De opzet van het systeem is dat de benodigde eenheden of personen gealarmeerd kunnen worden zonder dat er teveel mensen opgeroepen worden.

Prioriteiten
In een P2000 oproep staat meestal ook de prioriteit vermeld die de meldkamer aan deze oproep heeft verbonden.

Brandweer
Er zijn 3 verschillende prioriteiten, die ook bepalen hoe de hulpverleners naar het incident mogen rijden.
Prio 1; Het voertuig mag zich in het verkeer gedragen als voorrangsvoertuig en dus gebruik maken van blauwe zwaailichten en akoestische signalen (sirene). Dit wordt toegestaan in situaties waar een mensenleven bedreigd wordt of kan worden of waar aanzienlijke schade aan (onroerende) goederen dreigt.
Prio 2; Er is wel een noodzaak om direct ter plaatse te komen, maar het is niet dermate dringend dat het voertuig zich mag gedragen als voorrangsvoertuig. Het gebruik van blauwe zwaailichten of geluidssignalen is niet toegestaan, sommige verkeersregels mogen echter wel overtreden worden indien strikt noodzakelijk (het gaat dan met name om de positie van het voertuig op de weg, het voertuig mag bijvoorbeeld een fietspad of trottoir berijden). De blauwe zwaailichten mogen alleen gebruikt worden in gevaarlijke situaties als het voertuig zelf stil staat om de andere weggebruikers te waarschuwen, het gebruik van oranje zwaailichten heeft echter de voorkeur.
Prio 3; In deze situatie moet het voertuig zich gewoon gedragen, niet als voorrangsvoertuig. Het voertuig moet zich gedragen als een normale weggebruiker en mag dus geen verkeersregels overtreden.

Bij de brandweer kan er in plaats van het voorvoegsel "Prio", ook het soort oproep staan.
BR = Brand (bijv. BR1)
HV = Hulpverlening (bijv. HV2)
VKO = Verkeersongeval (bijv. VKO1)
WO = Waterongeval (bijv. WO3)

Afkortingen
Doordat het systeem door 25 regio's en een aantal andere diensten gebruikt wordt worden er veel verschillende afkortingen gebruikt. Voor drieletterige afkortingen eindigend op H (COH, DPH) wordt verwezen naar het artikel haakarmbak.
Voertuigen:
AB: Adembescherming
AL: Autoladder
CT:crashtender
DA: Dienstauto
DB: Dienstbus
HA: Haakarmvoertuig
HAB: Haakarmbak
HV: Hulpverleningsvoertuig of Hulpverlening
HW: Hoogwerker
MMT: Mobiel Medisch Team
PM: Personeel- en materieelvoertuig
SB: Schuimblusvoertuig
CAFS: Compressed Air Foam System
TAS of TS: Tankautospuit
WO: Waterongevallen-voertuig
WTS: Watertransportsysteem
VC: Verbindings- en Commandovoertuig
KK: kleine kraan
GK: grote kraan

Haakarmbakken:
HVH: hulpverleningsbak
DPH: dompelpomp
WTS of GWT: Watertransportsysteem (of Groot WaterTransport) 1000 - 3000 m brandslang met een diameter van 150mm
WTH: watertank
COH: commandohaakarmbak
ABH: Adembeschermingshaakarmbak
DECO: decontaminatie unit wordt ingezet bij een incident met gevaarlijke stoffen

Officieren:
OvD: Officier van Dienst
HOvD: Hoofdofficier van Dienst
ROGS: Regionaal officier gevaarlijke stoffen
AGS: Adviseur gevaarlijke stoffen

Locaties:
GVT: Gezinsvervangend tehuis
WZC: woonzorgcentrum
AZC: Asielzoekerscentrum
KDV: Kinderdagverblijf
VBW: Verbindingsweg (tussen twee snelwegen)
PKP: Parkeerplaats (langs snelweg)
BST: benzinestation
TST Toestel of tankstation (of test)
re: rechts (hectometerpaal langs snelweg)
li: links (idem)

Overige:
A1, A2 en B: prioriteit voor ambulance, niet verwarren met snelwegen
OMS: Openbaar meldsysteem
ABM: Automatische brand melding
Grip: Gecoördineerde Regionale Incidentbestrijdings Procedure
AC: Alarmcentrale
RAC: Regionale alarmcentrale
PAC: Particuliere alarmcentrale
GMK: Gemeenschappelijke meldkamer
CPA: Centrale Post Ambulancevervoer
VPK: Verpleegkundige
MK: Meldkamer
VKO: Verkeersongeval
v.auto: Vrachtauto
p.auto: Personenauto
GS: Gevaarlijke stoffen
OGS: Ongeval met gevaarlijke stoffen
porto: Portofoon
mobi: Mobilofoon